Alto-Adige

Vorige maand, september 2021, ging ik met Vinaventura op wijnwandelreis naar Alto-Adige. In deze blog zal ik je wat over de reis, het wijngebied, de druivenrassen van daar en de bezochte wijngoederen vertellen. Het is overigens best een lange blog geworden, maar hopelijk hou je t vol om t allemaal te lezen, of anders lees je gewoon alleen het blok dat je interesseert ;).

Allereerst over Vinaventura. Els Groot neemt je graag mee op wijnwandelingen. Dat doet ze verdeeld over het hele jaar naar vele Nederlandse wijnboeren. Maar ook organiseert ze wijnwandelreizen. Ik kan nu uit ervaring oprecht zeggen dat deze voor ’n beetje wijnliefhebber tot wijnfreak/kenner leuk en interessant zijn. Enige voorwaarden, zeg ik, om mee te gaan zijn: je moet van wijn en lekker eten houden en het leuk vinden om een mooie wandeling te maken. Verder wordt je in de watten gelegd, maar is er ook tijd om wat voor jezelf te doen hoor. Je komt bij mooie – meestal kleine en biologische of biodynamische wijnboeren, ook waar je normaliter niet maar zo een rondleiding krijgt/kunt boeken.

De reis ging dus naar Alto-Adige, ook wel Südtirol genoemd. Dit is met trein ook goed te bereiken. Net zo snel – of misschien wel sneller – als met auto. Het wijngebied ligt net over de grens met Oostenrijk, in het noorden van Italië aan de voet van de Alpen en Dolomieten. Het is dan ook Italiës noordelijkste wijngebied. Het kent een gematigd continentaal klimaat, waarbij het in de zomer lekker op kan warmen, maar ’s nacht wel goed afkoelt. Dit merk je goed aan de frisheid en aroma’s van de wijnen trouwens. De autochtone druiven zijn de traminer, schiava en lagrein. Daarnaast zijn pinot blanc, sauvignon blanc, pinot noir, muscat, cabernet sauvignon en chardonnay er veel aangeplant. En de pinot gris, al staat ie vooral zuidelijker waar het al Trentino is, en zal in deze blog dan ook verder niet meer over gerept worden. Wel over de andere druivenrassen hoor. Naast wijnbouw zie je ook heel veel appelboomgaarden in Alto-Adige trouwens, dus het is niet alleen maar wijnbouw wat de klok slaat.

Wij verbleven in het toeristische plaatsje Kaltern. Van hieruit kun je vele wijndomeinen bezoeken en mooie wandelingen maken: door de wijngaarden en/of door bosachtig gebied. Al wandelend viel me op hoe de druiven geregeld in netten waren ingepakt. Niet tegen de vogels, maar als bescherming tegen de hagel die vaak in de zomer valt, vertelde een wijnboer me. Ook waren de druiven, net voor de oogst, nog gespoten: alsof ze met een laagje poedersuiker bedenkt waren. Dat is vreemd vond ik, maar dit bleek geen bestrijdingsmiddel, maar ’n vergruisd gesteente dat als een poeder op de bijna rijpe druiven zichtbaar is. Dit wordt gedaan om de druiven voor vliegende insecten, en dan vooral wespen, onaantrekkelijk te maken.

In dit blok zal ik je mijn ervaringen met de wijn van de aangeplante druiven delen. Dit is dus een algemene samenvatting en op mijn ervaring gebaseerd, maar als je een andere mening toebedeeld bent of er om andere reden op wilt reageren, zie ik je reactie onder deze blog graag tegemoet.
De Gewürztraminer van hier is niet zo zwoel en overwelmend als van elders (bijv. uit de Elzas). Dit ondanks het vaak hoge alcoholgehalte, maar met minder/nauwelijks restzoet en behoud zuren door koudere nachten rook en proefde ik de lychee beperkt; en lychee vind ik een vaak overheersend aroma, al kan dat ook komen omdat ik het echt niet lekker vind.
De Pinot Blanc, of te wel Weissburgunder, wijnen hadden allemaal een minimaal gemiddelde geur- en smaakintensiteit. Dus geen niets zeggende wijn, maar echt een mooi en vaak fris- gemiddelde tot bovengemiddelde zuren- met strak mondgevoel met duidelijke ronde tonen. Deze wijnen hebben me iedere keer positief verrast.
De vernatsch (ITA: schavia) geeft lichte rode wijn, in kleur en smaak. Ik ervaarde vaak de aroma’s van aardbei, bosaardbei, framboos, rode kers. Hoog in zuren, laag in tannine. Je zou haast denken dat een Pinot noir beschreven wordt, maar de Vernatsch is toch echt anders. Fruitiger, koeler te drinken, niet bedoeld om te bewaren. Oftewel immer een doordrinker vind ik. Overigens was de wijn van vernatsch enkele decennia geleden echt een massaproductiewijn met lokale prijzen van enkele euro’s de liter, wat met deze harde groeier ook rendabel was. Maar met de oprichting van DOC Kalterersee zijn de rendementen ingeperkt en is de Kalterersee-wijn een kwaliteitswijn van vernatsch geworden. Een makkelijk bij ’t eten of als aperitief in te zetten wijn, die je jong en gekoeld (12-15graden celcius) drinkt.
En omdat ik Pinot noir zonet in vergelijking al noemde, ga ik daar maar verder mee. De pinot noir druif vind je dus ook in Alto-Adige, meestal onder de naam blauburgunder. Hier slechts paar van geproefd, maar herkenbaar als ’n Spätburgunder.
Daarnaast tref je de sauvignon blanc en chardonnay aan. De Chardonnays die ik er proefde waren puur van smaak met frisse zuren en geen hout of boter (malo) tonen. De Sauvignon blancs heb ik alleen in een cuvée (blend met andere druiven) gedronken, dus kan ik weinig over zeggen.
Dan nog de muscat, lokaal goldmuskateller genoemd. Van typische Muscat met een weelderige druivensmaak maar vaker – en dat bevalt me wel – een frissere en minder (rest-)zoet stijl.
Tot slot de lagrein. Deze autochtone druif geeft dieprode wijnen, met vooral zwart fruit aroma’s en behoorlijke tannine. Enige jaren (fles)rijping is nodig om m op dronk te laten komen, maar dan heb je ook iets moois in je glas. De lagrein druif heeft wel warmte nodig, en tref je daarom in de lager gelegen gebieden (onder de 250m), zoals bij Gries nabij Bolzano. Vaak nog in traditionele pergola snoeiwijze verbouwd.

Tijdens de reis bezochten we een aantal wijndomeinen. Ik zal er hier kort wat over delen.
Het wijnmuseum in Kaltern is leuk, en de gids vertelde ons veel en in heel begrijpelijke taal over de wijnbouw in Alto Adige en de omgeving van Kaltern in het bijzonder. We kregen een proeverij van drie wijnen van de typisch lokale druiven: een Gewurztraminer, een Vernatsch en een Lagrein dus. En dit waren hele mooie en goede wijnen, dus we werden niet met de simpelste wijnen afgescheept ofzo.
Bij Tröpfltalhof werden we niet alleen getrakteerd op bijzondere veelal in amforen gevinificeerde en gerijpte wijnen, maar ook op een heel inspirerend verhaal over biodynamische wijnbouw. Dus eigen compostering die in koehoorns de grond in gaan vlak voor volle maan: immers zorgt de maan met zijn krachten voor eb-en-vloed en zo ook voor goede aantrekking van de meststoffen op dat moment. En over hoe een paar gram kristal uren in water geroerd werd en dan over de wijngaard gespoten werd en daarmee het zonlicht verstrek om de druivenplanten ook te versterken. En hoe kruidenthee bij de planten ervoor zorgt dat de plant vitaler en dynamischer wordt: ja de bladeren gaan echt steviger rechtop staan ervan, zei wijnboer Andreas. De wijnen maakt Andreas zo dat ze hem smaken, zijn goed recht, maar mijn smaak was het niet altijd, moet ik eerlijk toegeven. Maar misschien moet ik nog wennen aan dit soort wijn uit amforen.
Manicor, een grote speler, werkt ook biodynamisch. De gravin zelf leidde ons rond en liet vol trots het in 2004 opgeleverd uiterst moderne wijnkeldercomplex zien. Slimme oplossingen, verscheidene verdiepingen waardoor er geen pompen nodig zijn. Wijn pompen is niet goed voor het eindproduct werd er gezegd. We waren getuige van hoe de blauwe druiven binnenkwamen, automatisch uitgesorteerd en ontsteeld werden, en een verdieping lager het vat ingingen. De wijnen van Manincor zijn erg goed, en kun je in Nederland (o.a. via Les Genereux) verkrijgen trouwens.
Ook bezochten we Klosterhof, vooral omdat deze wijnen in ons hotel te verkrijgen waren en de broer van de hoteleigenaresse dit wijngoed aan de andere kant van Kaltern runde. De wijnen zijn biologisch en van prima kwaliteit. De rondleiding in snel hoogduits was pittig te volgen, maar het stuk over de zelf gecreëerd gistcultuur in de kelder vanuit een opgeknapt cementen wijnvat was wel erg interessant.
Laatst bezochte wijndomein was in Tramin. Het biodynamisch werkende Rynhoff heeft mooie wijnen, met vind ik, mooie en alles behalve standaard etiketten. De Lagrein en de Lagrein-Cabernet blend, laatste is niet als blend binnen de DOC Alto Adige toegestaan trouwens, waren het best.

Al met al een hele mooie reis, maar ook erg leerzaam. Nieuwe druiven/wijnen (vernatsch en lagrein) leren kennen en van bestaande druiven (m.n. gewürttraminer en weissburgunder) veel aangenamere wijnen mogen ontdekken. En tot slot, om toch nog even te bekrachtigen dat het goede wijnen zijn: veel wijnen vallen uit Alto Adige vallen in de prijzen heb ik vernomen, dat kun je hier nalezen. En ook enkele wijnen die we geproefd hebben staan er tussen 🙂

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.